Hoeveelheid verse sneeuw: de discussie over centimeters

meteomorris

'Heupdiep!', 'tot mijn oksels' of 'net aan kniediep'. Niets leidt tot zoveel discussie als de hoeveelheid sneeuw die we gereden hebben of dachten gereden te hebben. Het doet een beetje denken aan de discussies onder golfsurfers over de golfhoogte. Wat de een al snel een 2 meter hoge golf vindt, vind ik regelmatig niet hoger dan 1 metertje, terwijl een vriend van mij die alles al gezien heeft de golf niet meer dan enkelhoog vindt.

Okseldiep of heupdiep

Meten is toch weten?

Vreemde discussie zou je zeggen, want de hoeveelheid verse sneeuw of de hoogte van een golf kun je toch gewoon meten? Maar wat meet je dan en hoe meet je dan? Wat zo simpel lijkt, blijkt in de praktijk een complexe discussie vol van sentimenten.

Meten is weten

Sneeuwdek versus hoeveelheid verse sneeuw

Ik ken mensen die denken dat als er 150 cm verse sneeuw valt in 3 dagen tijd, het sneeuwdek ook 150 cm dikker wordt. Wel, dat is dus niet zo. Eenmaal gevallen sneeuw blijft zelden zo luchtig als de toestand waarin ze gevallen is. Sneeuw bestaat voornamelijk uit lucht in klinkt in de loop der tijd in. Of in normaal Nederlands, het sneeuwdek wordt dunner. Hierdoor groeit het sneeuwdek niet met 150 cm groeit, maar uiteindelijk maar met bijvoorbeeld 80 cm. Zou je de dikte van het sneeuwdek pas na 3 of 5 dagen meten dan zou je concluderen dat er 80 cm verse sneeuw is gevallen, terwijl er in werkelijkheid meer is gevallen. Het meten van de sneeuwdek om de zoveel dagen geeft kortom geen goed beeld van de hoeveelheid verse sneeuw die er in een bepaalde periode gevallen is.

Voor een sneeuwdek van 120 cm heb je veel verse sneeuw nodig

Een mooi voorbeeld is onderstaand meetstation. Sinds de metingen van 19 november is er 144 cm sneeuw gevallen, maar het sneeuwdek zelf is nog geen meter dik. Door inklinking is het sneeuwdek sinds 19 november nog geen 70 cm gegroeid. 70 cm is dus letterlijk als lucht verdwenen.

Meetstation Gotthardregio Zwitserland

Sneeuw klinkt in door de massa

Een stelregel is dat 1 mm water 1 cm sneeuw oplevert, maar in de praktijk blijkt dat van storm tot storm en van plek tot plek te kunnen verschillen. Het komt voor dat 1mm water niet meer oplevert dan 0,7 cm sneeuw, maar er zijn ook voorbeelden waarin 1 mm water bijna 3 cm sneeuw oplevert. Het heeft allemaal te maken met de luchtigheid van de sneeuw en zelfs wanneer er 1 mm water wordt omgezet in sneeuw dan kun je je waarschijnlijk wel voorstellen dat hier veel lucht in zit. Deze lucht wordt er door de massa van de vlokken die er boven op vallen weer (deels) uitgedrukt. Sneeuw klinkt dus in door de massa.

Sneeuw valt in lagen

Sneeuw klinkt in door de wind

De dichtheid van een sneeuwvlok neemt toe bij veel wind. Sneeuwvlokken worden door de wind in elkaar gedrukt en soms letterlijk het sneeuwdek ingedrukt. Lucht wordt hiermee uit de sneeuwvlok geperst en het sneeuwdek dunner.

Harde wind

Sneeuw klinkt in door de temperatuur

Natte en zware sneeuw weegt meer waardoor het sneeuwdek nog verder in elkaar wordt gedrukt. Koude losse sneeuw weegt daarentegen veel minder waardoor het sneeuwdek veel minder snel 'krimpt'. Daarnaast bevat warmere sneeuw ook nog eens minder lucht omdat er letterlijk meer water in de sneeuw zit.

Natte sneeuwt klinkt in en haakt in elkaar

Vaker meten is beter meten

Om de vertekening door inklinking van het sneeuwdek tegen te gaan zou je het liefste continue willen meten, maar dat is een onmogelijke opgave. Daarom zie je dat veel geautomatiseerde meetstationnen die om de 3 tot 6 uur hun data doorgeven. Dit zijn redelijk goede cijfers omdat ze een aardig beeld geven van de sneeuwhoeveelheid die er daadwerkelijk is gevallen in 24 uur. Vergelijk je deze data met een meetstation dat slechts 1 keer in de 24 uur meet, dan kan het sneeuwdek als 20-40% ingeklonken zijn afhankelijk van de temperatuur en expositie.

Locatie, locatie, locatie

De locatie is niet alleen een gevleugeld begrip in de makelaardij, maar ook bij meteorologen. Een meetstation dat pal op een graat staat en vol in de zon heeft minder waarde dan een meetstation dat minder last heeft van wind en temperatuur.

Het meten van de hoeveelheid verse sneeuw die er is gevallen blijkt niet zo simpel als het lijkt. Voor een eerlijk beeld moet je vaak meten op een locatie die er toe doet. Pas dan krijg je een beeld hoeveel sneeuw de storm heeft gebracht. Door goed na te denken kun je dan net zoveel sneeuw vinden op vergelijkbare hellingen in de regio. Omdat ik graag de droogste en diepste poeder rijd die er op een dag veilig te rijden is snap je dat ik me naast het staren naar de weerkaarten ook tureluurs staar op de data van de meetstationnetjes.

Want na een dump van 3 meter ga je zelden ergens 3 meter bodemloze poeder rijden, maar wie goed nadenkt kan wel okseldiepe bochten trekken.

Okseldiep of heupdiep

Doordat ik dagelijks naar de sneeuwdata staar vind ik niet alleen de betere poeder, ik verifieer direct mijn voorspelling en de voorspellingen van de weermodellen zodat ik keer op keer mijn voorspelling kan verbeteren, maar ook weer keer op keer nieuwe sneeuwgaten opdoe. En dan blijkt het in de praktijk nog wel eens dieper te zijn dan de modellen zeiden. Maar dan moet je wel weten waar het te zoeken.

Reacties

ieism
Toerist
meteomorris
Expert
ieism
Toerist
ffKnallen
Gevorderd
meteomorris
Expert
meteomorris
Expert
Poedertijn
Beginner
Dutchess
Gevorderd
Vinnie
Gevorderd
Poedertijn
Beginner
ffKnallen
Gevorderd
Vinnie
Gevorderd
Dutchess
Gevorderd
SportGillie
Gevorderd
EmileHendrix
Gevorderd
meteomorris
Expert
KrisV
Beginner
meteomorris
Expert
Je hebt een account nodig om te kunnen reageren in dit topic. Login of registreer.
Advertentie

Sneeuwval komende 6 dagen

  • 1
    Prali
    71 cm
  • 2
    Espace Killy
    68 cm
  • 3
    Bonneval-sur-Arc
    65 cm
  • 4
    Via Lattea
    64 cm
  • 5
    Crissolo
    63 cm
  • 6
    Pragelato
    61 cm
  • 7
    Zermatt
    60 cm
  • 8
    Queyras
    58 cm
  • 9
    Breuil-Cervinia
    57 cm
» meer bestemmingen